Informatie over de preventie en het beheer van afgedankte batterijen 
Verordening (EU) 2023/1542 – Artikel 74 

 

1. Doel en toepassingsgebied
 
Dit document is bedoeld om eindgebruikers te informeren over: (i) hoe zij kunnen bijdragen aan afvalpreventie; (ii) de verplichting om afgedankte batterijen gescheiden van ongesorteerd gemeentelijk afval af te voeren; (iii) de beschikbaarheid van inzamelpunten en terugnamepunten; (iv) de betekenis van belangrijke batterijlabels en -symbolen; en (v) essentiële veiligheidsinformatie voor het hanteren van draagbare batterijen, startbatterijen/SLI-batterijen en tractiebatterijen. 

 

2. Bijdrage van eindgebruikers aan afvalpreventie
 
Eindgebruikers spelen een belangrijke rol bij het verminderen van de milieueffecten van batterijen en bij het ondersteunen van de terugwinning van waardevolle grondstoffen. De volgende goede praktijken worden aanbevolen: 

  • Gebruik batterijen op de juiste wijze en volg de aanbevelingen van de fabrikant om de levensduur ervan te optimaliseren.
    Overweeg waar passend mogelijkheden voor hergebruik, revisie of herbestemming, in overeenstemming met de toepasselijke instructies en veiligheidseisen. 
  • Vermijd blootstelling van batterijen aan extreme temperaturen, direct zonlicht of vocht. 
  • Bewaar batterijen indien mogelijk op een koele en droge plaats. 
  • Vermijd bij oplaadbare batterijen volledige ontlading wanneer dit niet wordt aanbevolen en gebruik uitsluitend geschikte laders, laadkabels, adapters of laadstations.

 

3. Gescheiden inzameling, inzamelpunten en terugnamepunten
 
Afgedankte batterijen moeten gescheiden van ongesorteerd gemeentelijk afval worden ingezameld. Gescheiden inzameling maakt een passende behandeling, recycling en terugwinning van waardevolle materialen mogelijk. Regelingen voor terugname en inzameling moeten beschikbaar worden gesteld via erkende kanalen, zoals distributeurs, gemeentelijke inzamelpunten of andere wettelijk vastgestelde systemen. 

Eindgebruikers mogen niet proberen tractiebatterijen zelf te verwijderen, te demonteren of af te voeren. Deze batterijen vereisen professionele behandeling en moeten via erkende kanalen voor behandeling en inzameling worden afgevoerd. 

 

4. Veilige omgang met batterijen

 

4.1 Algemene veiligheidsbeginselen

  • Open, wijzig of beschadig batterijen niet opzettelijk. 
  • Bescherm batterijen tegen kortsluiting, extreme hitte, brand, vocht en mechanische schade. 
  • Gebruik uitsluitend laders en toebehoren die geschikt zijn voor het desbetreffende batterijtype of voertuigtype. 
  • Als een batterij beschadigd, defect is of lekt, isoleer deze dan en laat deze via het daarvoor bestemde kanaal op passende wijze afvoeren. 

 

4.2 Tractiebatterijen (BEV / PHEV / HEV / FCEV / MHEV / REEV)

  • Hoogspanningsbatterijen en 48 V-batterijen mogen niet door eindgebruikers worden gehanteerd, gedemonteerd of gerepareerd. 
  • Houd bij een ongeval, lekkage, rook, een ongebruikelijke geur, oververhitting of vervorming een veilige afstand aan en neem indien nodig contact op met de hulpdiensten of pechbijstand. 
  • Aan het einde van de levensduur of bij een storing moeten tractiebatterijen door opgeleide professionals worden gehanteerd en via erkende kanalen voor behandeling en inzameling worden afgevoerd. 
  • Indien de voertuigfabrikant dit aangeeft, kunnen regelmatig opladen en passende laadmethoden helpen om de prestaties en levensduur van de batterij te behouden.

 

4.3 Startbatterijen / SLI

  • Startbatterijen/SLI-batterijen kunnen corrosief elektrolyt en gevaarlijke stoffen zoals loodverbindingen bevatten. 
  • Vermijd kortsluiting en houd vonken, open vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van batterijen. 
  • Draag geschikte oogbescherming en volg de veiligheidsinstructies van de fabrikant bij het hanteren of vervangen van een startbatterij. 
  • Gebruikte startbatterijen moeten gescheiden worden ingezameld en afgevoerd; lithiumhoudende en loodhoudende batterijen mogen daarbij niet worden gemengd en moeten afzonderlijk worden behandeld.

 

4.4 Draagbare batterijen

  • Demonteer, verpletter, doorboor, verhit of verbrand draagbare batterijen niet. 
  • Stel draagbare batterijen niet bloot aan water of een hoge luchtvochtigheid en vermijd contact tussen de batterijpolen en metalen voorwerpen. 
  • Als een draagbare batterij een abnormale geur, geluid, rook, verkleuring, vervorming of lekkage vertoont, staak dan het gebruik en laat de batterij op passende wijze afvoeren. 
  • Gebruikte draagbare batterijen moeten naar inzamelpunten voor gescheiden inzameling worden gebracht en mogen niet met het huishoudelijk afval worden afgevoerd. 

 

5. Mogelijke gevolgen voor de gezondheid, de veiligheid en het milieu

  • Onjuiste omgang met of afvoer van batterijen kan gevaren voor de gezondheid, fysische gevaren en gevaren voor het milieu veroorzaken. 
  • Mogelijke gevaren zijn onder meer chemische brandwonden, huid- of oogirritatie, brand, explosie, kortsluiting, verontreiniging van bodem en water en het vrijkomen van gevaarlijke dampen of verbrandingsproducten. 
  • Als u met gelekt elektrolyt in contact komt, spoel dan grondig met water en roep zo nodig medische hulp in. 

 

6. Betekenis van batterijlabels en -symbolen
De betekenis van de labels/symbolen wordt hieronder samengevat: 

 

 Het symbool voor gescheiden inzameling op de batterij geeft aan dat het product niet als ongesorteerd afval mag worden weggegooid, maar naar voorzieningen voor gescheiden afvalinzameling moet worden gebracht voor terugwinning en recycling. Het stelt een doorgekruiste verrijdbare afvalcontainer voor. 

 

 Op het etiket van producten die meer dan 0,004 % lood bevatten, moet het chemische symbool voor het betrokken metaal worden vermeld: Cd of Pb. Fabrikanten van dergelijke producten moeten het chemische symbool onder het batterijlabel afdrukken. 

 

 Dit is het recyclingsymbool en de chemische samenstelling van de batterij.  

 

 Algemeen waarschuwingssymbool 

 

 Waarschuwing: elektriciteit

 

 Geen kinderen toegelaten

 

 Niet aanraken 

 

 Waarschuwing: corrosieve stof 

 

 Niet op het oppervlak stappen 

 

 Niet aanraken 

 

 Waarschuwing: explosief materiaal 

 

 Mag niet door gebruikers worden onderhouden 

 

 Raadpleeg de gebruiksaanwijzing/het instructieboekje 

 

 Waarschuwing: heet oppervlak 

 

 Geen open vuur; vuur, open ontstekingsbronnen en roken verboden

 

 Draag oogbescherming

 

 Droog houden 

 

Huidcontact: Bij normale verwerking treden geen symptomen op. Huidcontact met elektrolyt kan huidirritatie veroorzaken. Verwijder verontreinigde, doordrenkte kleding onmiddellijk. Was de huid met veel water. Raadpleeg bij twijfel of aanhoudende klachten altijd een arts. Was verontreinigde kleding vóór hergebruik.

Oogcontact: Bij normale verwerking treden geen symptomen op. Oogcontact met elektrolyt kan oogirritatie veroorzaken. Spoel onmiddellijk met veel water gedurende ten minste 15 minuten. Raadpleeg onmiddellijk een arts. 

Inslikken: Bij normale verwerking treden geen symptomen op. Inslikken kan maag-darmirritatie, misselijkheid, braken en diarree veroorzaken. Bij inslikken: wek geen braken op, maar raadpleeg onmiddellijk een arts en toon deze verpakking of dit etiket. Aspiratiegevaar bij inslikken - kan in de longen terechtkomen en schade veroorzaken. Raadpleeg onmiddellijk een arts. 

Milieuvoorzorgsmaatregelen: Laat het product niet in oppervlaktewater of afvoerleidingen terechtkomen. Breng de autoriteiten op de hoogte als het product in rioleringen of openbare wateren terechtkomt. Bij morsen: neem gemorste vloeistof op met absorberend materiaal, bijvoorbeeld zand, aarde, vermiculiet of poedervormige kalksteen. Verzamel dit in gesloten en geschikte recipiënten voor verwijdering. 

Hygiënemaatregelen: Gebruik het product uitsluitend in een ruimte met geschikte afzuigventilatie. Was uw handen en gezicht vóór pauzes en onmiddellijk na het hanteren van het product. Eet, drink of rook niet tijdens het gebruik. Zorg voor een goede industriële hygiëne. Was verontreinigde kleding vóór hergebruik.

Opslagomstandigheden voor tractiebatterijen: Houd de verpakking goed gesloten. Bewaar batterijen op een droge, koele en goed geventileerde plaats. Bescherm batterijen tegen vocht. Vermijd schokken en wrijving. Neem voorzorgsmaatregelen tegen elektrostatische ontlading. Bewaar batterijen bij kamertemperatuur. Houd batterijen uit de buurt van warmte, hete oppervlakken, vonken, open vuur en andere ontstekingsbronnen. Houd batterijen buiten direct zonlicht. Roken is niet toegestaan. Bewaar batterijen uitsluitend in de oorspronkelijke verpakking. Doorboor of verbrand batterijen niet, ook niet na gebruik.